Gebieden aangemeld voor otter en brede geelrandwaterroofkever

De otter en de brede geelrandwaterroofkever zijn bij de Europese Commissie aangemeld als te beschermen soorten in bestaande Natura 2000-gebieden. Deze twee soorten staan op Bijlage II van de Habitatrichtlijn, dat is de lijst van soorten waarvoor de Europese gebiedsbescherming van Natura 2000 geldt. Er waren nog niet eerder Habitatrichtlijngebieden voor deze soorten aangemeld in Nederland. Nu het vast staat dat de otter en de brede geelrandwaterroofkever bestendig in Nederland voorkomen, dienen ze ook in Nederlandse Natura 2000-gebieden beschermd te worden. Met de aanmelding is uitvoering gegeven aan een reguliere verplichting van de Habitatrichtlijn, namelijk het aanmelden van gebieden voor nieuwe (of opnieuw ontdekte) soorten.
Beide soorten zijn toegevoegd aan bestaande Habitatrichtlijngebieden waar ze bestendig voorkomen. De brede geelrandwaterroofkever is in 2005 herontdekt in één gebied (Holtingerveld), nadat deze sinds 1967 als uitgestorven werd beschouwd. De otter is na herintroductie in 2002 nu succesvol gevestigd in tien gebieden in Friesland, Overijssel en Gelderland. De otter komt in méér gebieden voor, maar daar is het voorkomen nog niet bestendig en is de soort nog niet aangemeld.

(c) Saxifraga-Mark Zekhuis

Onder de Habitatrichtlijn worden gebieden eerst aangemeld voor de Europese “lijst van gebieden van communautair belang”, pas daarna worden de gebieden aangewezen onder nationale wetgeving (in Nederland als Natura 2000-gebied onder de Wet natuurbescherming) (zie ook procedure). De wijziging van de aanwijzingsbesluiten van de betreffende gebieden loopt te zijner tijd mee met de eventueel andere door te voeren wijzigingen in die aanwijzingsbesluiten naar aanleiding van de actualisatie van het doelensysteem Natura 2000. Bij die aanwijzing worden instandhoudingsdoelen voor de soorten vastgesteld.

(c) Julian Brouwer

De aanmelding betekent dat er bij deze gebieden vanaf nu in het beheer in het kader van Natura 2000 met deze soorten rekening gehouden moet worden. In juridische termen: Habitatrichtlijnartikel 6 lid 1 (verplichting om maatregelen te treffen) en  lid 2 (verslechteringsverbod) zijn direct van toepassing; hierbij wordt uitgegaan van een behoudsdoelstelling totdat bij aanwijzing eventueel andere doelen worden vastgesteld.  De vergunningplicht is nog niet van toepassing. Voor artikel 6 lid 3/6 lid 4 HR (in plannen en projecten rekening houden met effecten op de soort) moet eerst een instandhoudingsdoelstelling worden geformuleerd via een (ontwerp-) wijziging van het aanwijzingsbesluit.

Voor meer informatie over de wijzigingen die afgelopen jaar zijn doorgevoerd in de Natura 2000-database (SDF):  
https://cdr.eionet.europa.eu/nl/eu/n2000/envyzyzcw